Dingen hebben is uit, dingen delen is hot. Mensen gaan producten delen. Een trend onderhevig aan het klimaat van social media en een zwakke economie. Delen wordt normaal en noodzakelijk. Waarom zou je alles immers moeten bezitten? Weg met de wegwerpeconomie en welkom slimme concepten die product sharing mogelijk, makkelijk en comfortabel maken.

Ik ben voor. En dat zegt iemand die vroeger alles wilde hebben, hebben, hebben. Bezitten, ja ik wilde bezitten. Maar wat is het nog waard, dat bezitten? Een goede vriendin vertelde me onlangs dat een huis bezitten eigenlijk nergens op slaat; een huis bewoon je en daarna woont er weer iemand anders. Leuk dat aflossen van de hypotheek, al die herinneringen, maar allemaal tijdelijk. Ik vind dit te makkelijk, een huis is immers gebouwd om langer mee te gaan dan een mensenleven. Het is ook waardevast – in goede tijden dan.

Maar ook producten gooien het over deze boeg. Horlogemaker Patek Phillipe stelt dat hun  horloges eigenlijk een doorgevertje zijn voor de volgende generatie. Geweldig dat ze op deze manier laten zien dat hun product ook daadwerkelijk generaties overleeft. En helemaal fantastisch dat ze deze boodschap vertellen aan iemand die net een klein fortuin heeft neergelegd voor dit stukje vakmanschap. Belangrijker dan bezit is het gebruik, bezit maakt het eigenlijk alleen maar complex.

Ik heb mij jarenlang bekommerd om de illegale downloads van muziek. Muzikanten hebben nu eenmaal ook een zaak te runnen. Maar de bekommering kwam ook door mijn jarenlange stabiele tevens forse aankoop cd’s. Ja, die cd’s kocht ik in de platenzaak en dan bezat ik ze (en ik luisterde ze, uiteraard). Vrienden die muziek downloadde, verklaarde ik voor gek. En zij vooral mij. Maar wat moest ik, los van het morele aspect, met het gegeven ‘MP3’ als ik keek naar mijn verworven bezit? Ik baalde ervan dat mijn muziek, gespaard en gespaard, ineens door initiatieven als Napstar en Limewire voor iedereen toegankelijk was. Ik was een beetje boos. Mijn bezit werd mijn moraal. Want als je van muziek houdt en het ligt op straat, dan is downloaden ook nog eens very tempting. Maar dat kon natuurlijk niet. Toen, want nu is er dus Spotify. Dat maakt niet alleen het illegaal downloaden overbodig, het maakt muziek bezitten overbodig. Voor een summiere 10 euro per maand heb ik de allergrootse cd collectie die ik ooit kon wensen. En veel goedkoper dan mijn cd uitgaven. Alleen de boekjes mis ik. Maar goed, paperless heeft ook zo z’n voordelen.

Als ik kijk naar bezit, dan denk ik toch ook aan de auto. Een andere grote liefde. Ik laat het liefst helemaal niemand in mijn auto rijden. Ik ben graag de bob – als we met mijn auto gaan tenminste. En mijn vroegere vriendinnetjes hoefden ook niet bij mij aan te kloppen met de wens hun rijervaring te improven. Mijn huidige liefde heeft geeneens rijbewijs en ik vind het best; ik rijd die 800 kilometer naar Frankrijk graag alleen. Nu is mijn auto mij ook wel heel dierbaar. Misschien een beetje te, ik bedoel ik ontdek niet graag ’s ochtends een Opel Zafira mijn achterbumper kussend. Het is dan ook hier mijn bezit dat in de weg zit… Vanuit brandstof overwegingen – in de stad rijd ik met mijn auto van pomp naar pomp – ben ik Car2Go gaan proberen en wow, wat heerlijk! Niet zozeer vanwege het in een Smart rijden, of elektrisch (beiden prima voor in de stad), maar het feit dat je een auto gebruikt om van A naar B te gaan. Dat is nieuw voor mij. En ik kan hem overal parkeren en kan nieuwe schades gewoon melden. Dat laatste omdat ‘we’ de 381 Smarts in Amsterdam delen. En ja, dan maakt iemand wel eens een deukje, maar dat laat me dan nu eens koud. Wat een opluchting.

Het delen van dingen vraagt echter wel om gelijkgestemden. En om een goed product. Want soms zie ik mensen in die Smarts scheuren en dan vraag ik me af of het niet-bezitten ook niet-respect betekent. Respect voor het product en de daaruit voortvloeiende interactie. Want dat kan zelfs gevaarlijk worden, als je aan het verkeer deelneemt terwijl je je waant in een botsautootje.

Wat dat betreft staat de productontwikkeling nog wel voor een uitdaging als delen binnenkort onderdeel wordt van de totstandkoming – en dus het programma van eisen – van nieuwe producten. Moeten we er als ontwerper dan vanuit gaan dat men je product wil gebruiken omdat ze het kunnen misbruiken? Moeten we producten dan extra sterk gaan maken, meer foolproof om ongelukken te voorkomen? En worden ze daardoor wellicht ook minder mooi? Minder gewild? Nee, zover zal het niet komen als het aan mij ligt. Want ook al kunnen we producten gaan delen, je moet ze ook gewoon willen hebben. En delen is wat dat betreft net als bezitten, want wat van jou is, dat wil ik ook.